Maandag is mijn favoriete dag, testdag: ’Je weet wel, zo’n stokje in je neus’

Matthijs Buchli.
© Archieffoto ANP

Verschillende regionale sporters hopen deze zomer in Tokio hun opwachting op de Olympische Spelen te maken. Haarlems Dagblad volgt verschillende sporters zoals baanwielrenner Matthijs Büchli uit Santpoort-Zuid.

,,Maandag is mijn favoriete dag. Dan hebben we onze wekelijkse coronatest. Je weet wel, zo’n stokje in je neus. En dat vind ik niet zo fijn. Het is een voorwaarde om te mogen trainen in het Omnisport in Apeldoorn. Dus ik heb weinig keuze, want ik wil wel in conditie blijven. Nog minder dan 100 dagen voordat alles begint in Tokio. Wat er in de aanloop mij nog te wachten staat is uiterst onzeker en daarom ben ik toch blij met die periodieke controle.

Er is een leuke afwisseling binnenkort. Weer eens wat anders is dan trainen, trainen en nog eens trainen. Uiteraard op de fiets op de baan, maar ook de vele uren in het krachthonk. Ze gaan filmpjes van ons opnemen. Peter Heerschop komt met een cameraploeg voor een documentaire van ’Helden’. Dat wordt uitgezonden op Videoland en Eurosport. Een beetje aandacht voor het baanwielrennen kan geen kwaad. Er zijn nu geen wedstrijden, dus is er daarom ook geen aandacht op televisie. Het voelt allemaal vrij anoniem.

Wat die wedstrijden betreft, gooit corona heel veel roet in het eten. We zouden een wereldbeker in Newport in Engeland rijden. Ging niet door. Komende week krijgen we uitsluitsel over de worldcup in Hong Kong. Daar wil de regering dat je drie weken in quarantaine gaat en op je hotelkamer blijft. Dat werkt voor geen enkele baanrenner. Er wordt overlegd om daar een week van te maken, maar ook zo’n periode zonder trainingsmogelijkheden kan niet. En dan komt het financiële plaatje om de hoek kijken van zo’n organisatie. Zonder publiek loop je heel veel inkomsten mis.

Wat mijn concurrenten doen weet ik niet. We sparren heel veel onderling. Dat doen de Australiërs ook, maar daar hebben ze open banen. Zij zijn, net als wij, heel erg goed. Ik merk wel dat ik de laatste tijd veel last heb van mijn rug. Zo’n teamsprint vergt heel veel van je lichaam. Dat vraagt de meeste kracht waardoor de kans op blessures groter wordt. Het is en blijft op dat vlak oppassen. Wat dat betreft is het niet alleen corona om waakzaam voor te blijven.”

Net binnen