Wat fijn was: deze tester penetreerde eens niet mijn oogholtes of hersenstam | column

Robbert Minkhorst
IJmond

De test zou een formaliteit zijn. Het weekje naar de zon was al voor de lockdown geboekt, maar omdat deze touroperator niet aan lockdowns doet, zaten we er aan vast.

Wat ook weer niet erg was, want we waren eerlijk gezegd wel toe aan een vakantie. Ik had speciaal de boosterafspraak nog laten vervroegen - alles om veilig op reis te kunnen.

Daarbij: een week eerder had ik me ook al laten testen. Een keelpijn wilde maar niet echt wegblijven en bovendien kreeg ik verkoudheidsverschijnselen. Na het goede nieuws van de GGD vierden we vervolgens met een paar vrienden - die allemaal een negatieve thuistest konden overleggen - een onbezorgde oud en nieuw.

Heel kort dacht ik even terug aan de kerst van het jaar ervoor, die we als slappe vaatdoeken in thuisquarantaine doorbrachten. Mijn vrouw testte positief, maar de GGD mij tot drie keer toe negatief. Hoewel ik precies dezelfde klachten had, alleen wat minder ernstig.

Afijn, de maandag na nieuwjaar volgde in een propvolle prikhal de boosterinjectie en donderdag was de laatste horde: de commerciële PCR-test die ons het vereiste toegangsbewijs voor Kaapverdië ging verschaffen. Die dag werkte ik - eindelijk - ook weer eens op de redactie. En die sluimerende keelpijn? Die kwam ongetwijfeld door vermoeidheid of een verminderde weerstand - ik heb dat vaker. Wat fijn was: deze tester penetreerde eens niet mijn oogholtes of hersenstam.

Ik testte die donderdag positief op corona. Terwijl de GGD-medewerkers, die met hun speren tot in de diepste spelonken van je holtes komen nooit wat hebben kunnen vinden, had de PCR-tester met haar plumeau dus meteen beet.

Had ik nu van mijn dagje kantoor meteen een superspreadevent gemaakt? Dat viel gelukkig mee. En verder: leve de annuleringsverzekering.

Vrijdag werd ik ziek.