Door toename schulden van huishoudens brede welvaart in Noord- en Zuid-Holland op lange termijn onder druk

Gunstig van wonen in verstedelijkte gebieden is wel, dat voorzieningen dichtbij zijn. Hier een beeld van Monnickendam.© Wim Egas

Peter Schat
Den Haag

Plaatsen in Groningen, Flevoland, Limburg en Drenthe scoren vaak laag als het om brede welvaart gaat. Gemeenten in Noord- en Zuid-Holland doen het beter, maar hebben het vooruitzicht dat ze later een relatief lagere brede welvaart zullen hebben. Dat komt omdat de gemiddelde schuld per huishouden stijgt en er minder natuur voorhanden zal zijn.

Brede welvaart in het ’hier en nu’ lijkt daarom ten koste te gaan van ’later’. Dat blijkt uit een onderzoek dat het Centraal Bureau voor de Statistiek maandag presenteert. Het CBS meet de brede welvaart in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en doet dat sinds 2020 op regionaal niveau. In deze Monitor Brede Welvaart kijkt het CBS naar 42 indicatoren, die een breed beeld geven van de ontwikkeling van de kwaliteit van leven per regio.

De monitor laat zien dat de brede welvaart ’hier en nu’ de laatste acht jaar op veel onderdelen gelijk bleef of toenam. Vooral op de punten materiële welvaart, arbeid en vrije tijd, en veiligheid. Op de langere termijn zijn de ontwikkelingen minder positief op de onderdelen economie en natuurlijk kapitaal .

Dat er wordt gekeken naar het ’hier en nu’ en naar ’later’, heeft ermee te maken dat men weten wil wat volgende generaties nodig hebben om tenminste hetzelfde niveau van brede welvaart te kunnen bereiken als de huidige generatie. De indicatoren die wat zeggen over de brede welvaart nu, gaan over welzijn, materiële welvaart, gezondheid, arbeid en vrije tijd, wonen, samenleving, veiligheid en milieu. Voor wat er ’later’ nodig is, kijkt het CBS naar sociale, economische, menselijke en natuurlijke hulpbronnen die dan voorhanden moeten zijn.

Natuurgebied

Net als in 2021 daalt in veel gemeenten de tevredenheid op het onderdeel wonen. Dit komt vooral doordat de afstand tot voorzieningen toeneemt. Ook de hoeveelheid natuurgebied per inwoner neemt op veel plaatsen af. Een positieve uitkomst is dat op veel plaatsen de afstand tot openbaar groen afneemt, en dat de uitstoot van fijnstof en broeikasgassen is edaald.

De ontwikkeling van de brede welvaart ’later’ is minder gunstig. Vooral het economisch en natuurlijk kapitaal staan onder druk. Zo neemt in veel regio’s de gemiddelde schuld per huishouden trendmatig toe. In een aantal regio’s neemt de hoeveelheid groen-blauwe ruimte (een indicator voor de natuur) af.

Een factor is ook de mate van verstedelijking. De grote steden scoren op veel indicatoren laag. Stedelingen hebben gemiddeld genomen een minder goede gezondheid, een lager doorsnee besteedbaar inkomen, een minder veilige en schone leefomgeving en minder sociale cohesie. Al lijkt de veiligheid in (sterk) verstedelijkte gemeenten toe te nemen. Mensen in minder stedelijke gemeenten scoren lager op het onderdeel wonen. Dit komt doordat de afstand tot voorzieningen toeneemt.

Net binnen