Schurft staat misschien wel symbool voor het tegenovergestelde van eenzaamheid | column

Nhung Dam

In ’Mijn huid ziet er niet uit’ bij RTL 5 vertellen Fabienne en Maurice: ,,Het jeukt overal, ik wil krabben, maar ga dat niet doen.’’ Ook schoven studenten aan bij de talkshow van Beau, om vrolijk over schurft te vertellen.

Vol afschuw en lichtelijk geamuseerd luister ik naar hun verhalen. De geruchten gaan dat er een heuse schurftuitbraak is in Nederland. Liever zou je toch aanschuiven bij een talkshowtafel om te komen praten over een volgend boek of theaterproductie dan over schurft. Je zou dáár maar voor uitgenodigd worden, dacht ik.

De arts in het programma ’Mijn huid ziet er niet uit’ legt uit: ,,Het is een infectie met een beestje (de schurftmijt). Het graaft gangetjes onder je huid en laat daar eitjes achter, waarna er weer nieuwe beestjes uit voortkomen.’’,,Ik denk niet dat ik het heb’’, zegt Maurice. Want zijn vader heeft het niet, en zijn broer ook niet. Na inspectie concludeert de arts stellig: ,,Nou, ik denk dat je gewoon schurft hebt, hoor.’’

Schurft tussen de vingers, in je kruis, onder je oksels, het klinkt eerder als iets middeleeuws, of hooguit als een scheldwoord, toch niet als een serieuze aandoening waar je publiekelijk over komt praten?

Op toneelschool hoorde ik regelmatig over schurftuitbraken bij de andere toneelscholen, binnen no time was zo’n hele school geïnfecteerd. Het wordt namelijk feestelijk doorgegeven via intensief lichamelijk contact. En ja, toneelschoolstudenten rollebollen nou eenmaal aan de lopende band, kronkelen over elkaar heen in fysieke lessen, ook wordt er een hoop afgetongd.

Als het gerucht ging dat er op een andere toneelschool de pleuris was uitgebroken, gruwelden we, maar het had ook iets lachwekkends, niet voor de slachtoffers zelf natuurlijk, daar hadden we best medelijden mee.

Cato vertelt bij Beau dat ze het wel drie keer heeft gehad, en Charlie was de laatste keer vijf maanden lang aan het krabben. Ik dacht alleen maar: Wow, zij hebben vast een intensief sociaal leven.

Liever schurft dan isolatie, dacht ik. Gelukkig is de wereld met de aankomende feestdagen weer open, heel anders dan een jaar geleden. We zijn het bijna al vergeten, maar met de lockdown van nog geen jaar geleden gingen we vrij somber de donkere feestdagen tegemoet. Dan maar liever kronkelend over elkaar, met het risico op verspreiding van de beestjes. Dit beestje staat misschien wel symbool voor het tegenovergestelde van eenzaamheid.

Als hypochonder kon ik het allemaal nauwelijks aanhoren, maar terugdenkend aan het oud en nieuw wat ik vorig jaar in mijn uppie heb doorgebracht, laat ik liever die beestjes hoogtij vieren. Maar dan denk ik aan eieren die onder mijn huid gelegd kunnen worden en dan denk ik, toch maar niet. Ik ga vrolijk de feestmaand in om het leven met elkaar te vieren. Dan maar Sinterklaas en Kerstmis vieren zonder toneelschoolgedoe. Laat ik het onnodige rollebollen voor nu toch maar even achterwege.

Net binnen